Art. 12:100

§ 1. De vennootschap die de inbreng doet, blijft hoofdelijk aansprakelijk voor de schulden die op de dag van de inbreng zeker en opeisbaar zijn en die worden overgedragen aan een verkrijgende vennootschap en voor de schulden waarvoor een vordering in rechte of via arbitrage werd ingesteld vóór de akte houdende vaststelling van de inbreng.
  Deze aansprakelijkheid is beperkt tot het nettoactief dat de inbrengende vennootschap behoudt buiten het ingebrachte vermogen.

§ 2. Indien de vennootschap die de inbreng doet, een vennootschap onder firma is of een commanditaire vennootschap, blijven de vennoten onder firma of de gecommanditeerde vennoten jegens derden hoofdelijk en onbeperkt aansprakelijk voor de verbintenissen van de inbrengende vennootschap die zijn ontstaan vóór het tijdstip vanaf wanneer de akte van inbreng overeenkomstig artikel 2:18 aan derden kan worden tegengeworpen.

Over vzw-wet.be

vzw-wet.be is een initiatief van raad & daad vzw i.s.m. vzw-kliniek.be.

vzw-wet.be omvat een selectie van de relevante wetsbepalingen uit het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen (kortweg WVV) van 23 maart 2019 (B.S. 4 april 2019)

Disclaimer

Dit is geen officiële wettelijke publicatie. Hoewel de teksten op deze website gebaseerd zijn op de officiële bronnen (parlementaire documenten, Belgisch Staatslad, ...) hebben ze bijgevolg geen authentiek of officieel karakter. De initiatiefnemers aanvaarden bijgevolg geen aansprakelijkheid in het geval de informatie niet (of niet meer) volledig accuraat of actueel zijn.

Onze partners

vzw-wet.be is mogelijk dankzij

raad & daad vzw

vzw-kliniek.be